ECLI:NL:RVS:2013:BZ0791
Raad van State
- Hoger beroep
- T.G. Drupsteen
- R. van Heusden
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek inzake toepassing baggerspecie op agrarische gronden
Het college van burgemeester en wethouders van Opmeer wees het verzoek van appellant af om handhavingsmaatregelen te treffen tegen het gebruik van percelen aan de locatie A te Hoogwoud, waar baggerspecie was toegepast. Appellant voerde aan dat dit gebruik strijdig was met het bestemmingsplan, omdat de stortplaats niet binnen afzienbare tijd agrarisch werd gebruikt en er puinafval aanwezig was.
De rechtbank oordeelde dat het gebruik niet strijdig was met het bestemmingsplan, omdat de stort van baggerspecie verband hield met het agrarisch gebruik en beheer van de gronden. De Raad van State bevestigt dit oordeel. Uit het dossier blijkt dat de baggerspecie werd toegepast om de grondkwaliteit te verbeteren ten behoeve van een agrarisch bedrijf, dat inmiddels in ontwikkeling is en waarvoor een omgevingsvergunning voor een stal is verleend.
Verder is vastgesteld dat het aanwezige puinafval, ijzer, hout en autobanden zijn verwijderd. De Raad van State stelt dat het voldoen aan het Besluit bodemkwaliteit milieubeheer niet relevant is voor de beoordeling van strijdigheid met het bestemmingsplan. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.