ECLI:NL:RVS:2013:73
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- C.J. Borman
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod vreemdeling
De minister voor Immigratie, Integratie en Asiel heeft op 31 juli 2012 een terugkeerbesluit genomen en een inreisverbod uitgevaardigd tegen de vreemdeling. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het terugkeerbesluit niet-ontvankelijk en vernietigde het inreisverbod, waarbij de rechtsgevolgen van het inreisverbod in stand bleven. De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in.
De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de vreemdeling geen belang had bij het beroep tegen het terugkeerbesluit, omdat zonder een rechtmatig terugkeerbesluit geen inreisverbod kan worden uitgevaardigd. De Afdeling vernietigt daarom het niet-ontvankelijkheidsbesluit en toetst het terugkeerbesluit inhoudelijk.
De vreemdeling voerde aan dat de staatssecretaris onvoldoende rekening hield met zijn gezinsleven in België, maar de Afdeling bevestigt dat bij het terugkeerbesluit geen toetsing aan artikel 8 EVRM Pro vereist is. Uiteindelijk verklaart de Afdeling het beroep tegen het terugkeerbesluit ongegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af. De overige delen van de uitspraak van de rechtbank blijven in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.