ECLI:NL:RVS:2013:558
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- Th.G. Drupsteen
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen schadevergoeding wegens waardevermindering door coffeeshops in Venlo
Bij afzonderlijke besluiten van 2 december 2011 kende de burgemeester van Venlo schadevergoedingen toe aan twee omwonenden van coffeeshops wegens waardevermindering van hun woningen. De rechtbank Roermond verklaarde de beroepen van deze omwonenden gegrond en verhoogde de schadevergoedingen aanzienlijk. De burgemeester ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de forfaitaire regeling van artikel 6.2, tweede lid, van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) niet redelijk had toegepast. De Raad stelde dat een deel van de schade binnen het normale maatschappelijke risico valt en daarom niet vergoed hoeft te worden. De relatief hoge schade van de omwonenden is geen reden om de drempel te verlagen.
De Raad vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde de beroepen van de omwonenden tegen de besluiten van 16 maart 2012 ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee werd de oorspronkelijke schadevergoeding van de burgemeester hersteld.
Uitkomst: Het hoger beroep van de burgemeester wordt gegrond verklaard en de beroepen van de omwonenden worden ongegrond verklaard.