ECLI:NL:RVS:2013:531
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten bestuursdwang inzameling huishoudelijk afval wegens schending hoorplicht
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam had spoedeisende bestuursdwang toegepast tegen appellant wegens het onjuist aanbieden van huishoudelijk afval. Appellant maakte bezwaar tegen de besluiten en stelde dat hij niet op een hoorzitting was gehoord, terwijl hij dit wel had verzocht.
De Raad van State oordeelde dat het college niet had voldaan aan de hoorplicht zoals voorgeschreven in artikel 7:2 Awb Pro, omdat niet aannemelijk was gemaakt dat appellant telefonisch was gehoord en er geen verslag van het gesprek was. Hierdoor werden de besluiten vernietigd.
Desondanks oordeelde de Raad dat appellant wel in strijd had gehandeld met de Afvalstoffenverordening door afvalzakken buiten een container aan te bieden, terwijl hij wist dat de container tijdelijk was verwijderd. De bezwaren over onjuiste processen-verbaal en onvoldoende informatievoorziening faalden.
De Raad liet daarom de rechtsgevolgen van de bestuursdwangbesluiten in stand en bepaalde dat appellant het betaalde griffierecht vergoed krijgt. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Besluiten bestuursdwang vernietigd wegens schending hoorplicht, maar rechtsgevolgen blijven in stand.