ECLI:NL:RVS:2013:477
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing Nederlanderschap wegens onvoldoende bewijs identiteit
De minister wees het verzoek van verzoeker om het Nederlanderschap te verkrijgen af op grond van onvoldoende bewijs van identiteit en nationaliteit. Verzoeker stelde bezwaar en beroep in tegen deze afwijzing. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling oordeelt dat het aan verzoeker is om haar identiteit en nationaliteit aan te tonen met de juiste documenten, zoals een geldig buitenlands reisdocument of gelegaliseerde documenten. Verzoeker had bij het verzoek alleen een niet-gelegaliseerde taskera overgelegd en overwoog pas later een gelegaliseerde taskera te hebben verkregen. De staatssecretaris mocht daarom eisen dat de benodigde documenten tijdig, dus uiterlijk in de bezwaarfase, werden overgelegd.
De rechtbank had ten onrechte geoordeeld dat de staatssecretaris zich niet op dit standpunt mocht stellen en dat het besluit ondeugdelijk was gemotiveerd. De Afdeling vernietigt daarom het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van verzoeker wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van het naturalisatieverzoek blijft in stand.