ECLI:NL:RVS:2013:432
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- C.J. Borman
- J. Kramer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling declaratie vacatiegeld Commissie van Toezicht en beklagcommissie
Bij besluit van 6 juli 2010 weigerde de directeur van het Shared Service Center DJI namens de staatssecretaris een declaratie van een lid van de Commissie van Toezicht gedeeltelijk voor €176,00. De staatssecretaris verklaarde het bezwaar ongegrond, maar de rechtbank verklaarde het beroep gegrond en herroepen het besluit. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft onderzocht of de beklagcommissie als een aparte commissie of als subcommissie van de Commissie van Toezicht moet worden gezien. Uit de Penitentiaire Beginselenwet en bijbehorende regelingen blijkt dat de beklagcommissie een subcommissie is, waarvan de leden tevens lid zijn van de Commissie van Toezicht. De vergoeding voor vergaderingen en hoorzittingen wordt geregeld in het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies (Bvac), waarbij geen onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende soorten vergaderingen.
De Afdeling oordeelt dat een lid dat zowel een vergadering van de Commissie van Toezicht als een hoorzitting van de beklagcommissie op dezelfde dag bijwoont, slechts aanspraak kan maken op vacatiegeld voor de vergadering met de hoogste vergoeding. Daarnaast is vastgesteld dat de declaratie namens de minister is goedgekeurd door de secretaris van de Commissie van Toezicht, waardoor sprake is van een besluit tot toekenning. De rechtszekerheid verhindert dat dit besluit achteraf wordt herroepen.
Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, maar de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de gronden worden verbeterd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd met verbetering van de gronden.