ECLI:NL:RVS:2013:304
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.J. Borman
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen weigering aankoop perceel door gemeente
Het college van burgemeester en wethouders van Epe heeft op 7 september 2010 besloten het door appellant aangeboden perceel niet te kopen, op grond van artikel 12 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat het college op 20 mei 2011 ongegrond verklaarde. De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en vernietigde het besluit op bezwaar, omdat het voorkeursrecht op het perceel op dat moment was ingetrokken.
Appellant stelde in hoger beroep dat het college ten tijde van het bestreden besluit wel bevoegd was om te beslissen over de aankoop. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college inderdaad bevoegd was het oorspronkelijke besluit te nemen, maar dat ten tijde van het besluit op bezwaar het voorkeursrecht was komen te vervallen, waardoor het bezwaar geen belang meer had. De rechtbank heeft daarom terecht het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.
Het verzoek van appellant om schadevergoeding werd afgewezen omdat het beroep ongegrond is. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank Zutphen van 11 april 2012 met verbetering van de gronden.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd; het bezwaar is niet-ontvankelijk en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.