ECLI:NL:RVS:2013:2691
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak voorzieningenrechter over afwijzing verblijfsvergunning asiel na opvolgende aanvraag
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie heeft op 17 december 2012 besluiten genomen waarbij aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd werden afgewezen. De vreemdelingen stelden dat zij na eerdere afwijzingen in Armenië waren teruggekeerd en legden documenten over ter onderbouwing.
De voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag had de beroepen van de vreemdelingen gegrond verklaard en de besluiten vernietigd. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de voorzieningenrechter ten onrechte niet had vastgesteld of er sprake was van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden die toetsing van de besluiten rechtvaardigden. De vreemdelingen hadden niet voldoende aangetoond daadwerkelijk in Armenië te zijn teruggekeerd of andere relevante wijzigingen te hebben aangevoerd.
Daarom werd het hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd en de beroepen tegen de besluiten alsnog ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van de verblijfsvergunningen asiel worden ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd.