ECLI:NL:RVS:2013:2284
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- C.J. Borman
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak voorzieningenrechter en ongegrondverklaring beroep vreemdeling tegen afwijzing uitzettingsuitstel
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie stelde hoger beroep in tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter die het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van uitzettingsuitstel gegrond had verklaard en het besluit vernietigde. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het advies van het Bureau Medische Advisering (BMA) voldoende inzichtelijk was en dat het verschil van inzicht tussen het BMA en de behandelaars van de vreemdeling niet leidde tot onzorgvuldigheid in het advies.
Verder werd geoordeeld dat de staatssecretaris niet verplicht was het BMA te verzoeken nader in te gaan op de veiligheid van de behandelomgeving in het land van herkomst, nu de behandelaars dit niet concreet hadden toegelicht. Het beroep van de vreemdeling dat het BMA-advies onvoldoende was onderbouwd faalde eveneens.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van uitzettingsuitstel wordt ongegrond verklaard.