ECLI:NL:RVS:2013:2111
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- N. Verheij
- G. Snijders
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over planschadevergoeding na vrijstelling en bouwvergunning
Het geschil betreft een vergoeding voor planschade toegekend door het college van burgemeester en wethouders van Oisterwijk na een vrijstelling en bouwvergunning voor woningbouw. Appellanten betwisten de hoogte en ontvankelijkheid van hun bezwaren tegen het besluit.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat alleen de aanvrager van de bouwvergunning belanghebbende is bij het besluit over planschadevergoeding, waardoor het bezwaar van twee appellanten ten onrechte ontvankelijk werd verklaard door de rechtbank. Daarnaast oordeelt de Afdeling dat bij de planvergelijking geen rekening mag worden gehouden met subjectieve elementen zoals het feitelijk vervallen van een seksinrichting, omdat het bestemmingsplan zelf niet is gewijzigd door de vrijstelling.
Verder wordt geoordeeld dat de planologische verandering niet voorzienbaar was voor de belanghebbende ten tijde van de aankoop van zijn woning, omdat er geen openbaar gemaakt concreet beleidsvoornemen bestond. De Afdeling verklaart het hoger beroep van twee appellanten gegrond en dat van de derde ongegrond, vernietigt het deel van de uitspraak van de rechtbank dat het bezwaar van de twee appellanten ontvankelijk en gegrond verklaarde en laat het besluit van het college van 29 november 2011 in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep is deels gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank deels vernietigd, waarbij het besluit van het college van 29 november 2011 in stand blijft.