ECLI:NL:RVS:2013:2050
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- R. van der Spoel
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Toegangsweigering en vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling na vrijspraak Strafhof
De vreemdeling, vrijgesproken door het Internationaal Strafhof, werd op 21 december 2012 de toegang tot Nederland geweigerd en een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze maatregel ongegrond, maar behandelde het beroep tegen de toegangsweigering niet.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank had moeten beoordelen of de toegangsweigering rechtmatig was, en vernietigt het deel van de uitspraak dat dit niet deed. De staatssecretaris handelde onbevoegd door het administratief beroep tegen de toegangsweigering af te wijzen zonder tussenkomst van de rechtbank.
De Afdeling beoordeelt vervolgens de toegangsweigering inhoudelijk en concludeert dat de weigering gegrond was omdat de vreemdeling niet beschikte over geldige grensdocumenten. Het beroep tegen de toegangsweigering wordt ongegrond verklaard.
Ten aanzien van de vrijheidsontnemende maatregel overweegt de Raad dat deze gerechtvaardigd is gezien het grensbewakingsbelang, ondanks het ontbreken van een vertrekplicht vanwege de asielaanvraag en het geldende reisverbod. Er zijn geen bijzondere omstandigheden die een minder dwingende maatregel rechtvaardigen.
De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd voor zover deze de vrijheidsontnemende maatregel betreft, en het hoger beroep wordt gegrond verklaard voor het niet-beoordelen van de toegangsweigering.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond voor niet-beoordelen toegangsweigering, toegangsweigering zelf ongegrond, vrijheidsontnemende maatregel bevestigd.