ECLI:NL:RVS:2013:1945
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake terugkeerbesluit vreemdeling met Italiaans verblijfsrecht
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie vaardigde op 30 december 2012 een terugkeerbesluit uit tegen een vreemdeling die illegaal in Nederland verbleef, maar in het bezit was van een geldige verblijfsvergunning van Italië. De rechtbank Den Haag vernietigde dit besluit, omdat zij oordeelde dat de staatssecretaris eerst had moeten onderzoeken of de vreemdeling op grond van artikel 6, derde lid, van de Terugkeerrichtlijn aan Italië kon worden overgedragen.
De staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat artikel 6, derde lid, van de Terugkeerrichtlijn alleen van toepassing is op vreemdelingen zonder verblijfsrecht in een andere lidstaat. Omdat de vreemdeling een geldige Italiaanse verblijfsvergunning had en Nederland geen partij was bij een terugnameovereenkomst met Italië, was het terugkeerbesluit terecht genomen.
De vreemdeling voerde aan dat hij voldoende middelen van bestaan had en dat hij onvoldoende was geïnformeerd voorafgaand aan het terugkeerbesluit. De Raad van State verwierp deze bezwaren, stellende dat de vreemdeling geen zelfstandig inkomen had en bewust niet aan eerdere terugkeerverzoeken had voldaan. De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het terugkeerbesluit gehandhaafd.