ECLI:NL:RVS:2013:1929
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- P.M.M. de Leeuw-van Zanten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake verzoek om informatie over rioleringswerkzaamheden
Appellante heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer een verzoek ingediend om informatie over de aanleg en controle van rioleringswerkzaamheden bij haar woning. Het college heeft dit verzoek slechts gedeeltelijk ingewilligd en bezwaar tegen het besluit deels niet-ontvankelijk verklaard en voor het overige ongegrond.
De rechtbank heeft het beroep van appellante tegen het besluit van het college ongegrond verklaard, stellende dat het verzoek niet ziet op een bestuurlijke aangelegenheid in de zin van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), maar op een feitelijke handeling.
In hoger beroep betoogt appellante dat het verzoek wel degelijk een bestuurlijke aangelegenheid betreft, omdat het betrekking heeft op de controle van bouwtekeningen en naleving van regelgeving. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt echter dat het verzoek in het kader van een civielrechtelijke aansprakelijkstelling is gedaan en niet als een Wob-verzoek kan worden aangemerkt.
Verder bevestigt de Afdeling dat geen dwangsom verschuldigd is omdat geen sprake is van het niet tijdig beslissen op een aanvraag in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd met verbetering van de gronden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.