ECLI:NL:RVS:2013:1796
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- E. Steendijk
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrond verklaring beroep asielaanvraag op grond van taalanalyse
De minister voor Immigratie, Integratie en Asiel wees op 21 oktober 2011 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Centraal in het geschil stond de taalanalyse die de herkomst van de vreemdeling moest bepalen. De staatssecretaris betoogde dat de taalanalyse, samen met het weerwoord van het BLT, voldoende inzichtelijk en concludent was en dat de contra-expertise van de vreemdeling deze niet overtuigend weerlegde. De rechtbank had dit onvoldoende onderkend.
De Afdeling oordeelde dat de taalanalyse en het weerwoord samen voldoende waren om de herkomst van de vreemdeling niet aannemelijk te achten. De vreemdeling had de gerezen twijfel niet weggenomen met zijn contra-expertise. Ook de overige beroepsgronden faalden. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van zijn asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.