ECLI:NL:RVS:2013:1764
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen vernietiging omgevingsvergunning erfafscheiding in bestemmingsplan Woondoeleinden I
Het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade verleende op 3 oktober 2011 een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een erfafscheiding van circa 2,15 meter hoog op een perceel met bestemming Woondoeleinden I. Wederpartijen maakten bezwaar tegen deze vergunning, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van wederpartijen gegrond en vernietigde het besluit van het college, met de opdracht een nieuw besluit te nemen.
Het college stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bestemmingsplan bewust geen maximale hoogtes voor bouwwerken, geen gebouw zijnde, binnen de bestemming Woondoeleinden I bevatte, en dat het college bevoegd was om nadere eisen te stellen over maatvoering, waaronder hoogte. Het college had van deze bevoegdheid geen gebruik gemaakt, maar dat leidde niet tot een ander oordeel.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van wederpartijen tegen het besluit van 27 maart 2012 ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning wordt ongegrond verklaard.