ECLI:NL:RVS:2013:141
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.W.L. Simons-Vinckx
- Rechtspraak.nl
Bestemmingsplan Passantenhaven Dieverbrug en gevolgen voor melkrundveehouderij
De raad van de gemeente Westerveld stelde op 3 april 2012 het bestemmingsplan 'Passantenhaven Dieverbrug' vast, dat voorziet in de aanleg van een passantenhaven in Dwingeloo. [Appellant], exploitant van een melkrundveehouderij nabij het plangebied, stelde beroep in tegen dit besluit. Hij betoogde dat zijn bedrijf door het plan niet meer onder het Besluit landbouw milieubeheer valt en dat de passantenhaven een geurgevoelig object is dat binnen de beschermingsafstand van zijn stal ligt, waardoor een omgevingsvergunning niet verleend kan worden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de passantenhaven als geheel moet worden aangemerkt als een object voor dagrecreatief gebruik, maar niet als geurgevoelig object in de zin van de Wet geurhinder en veehouderij, omdat alleen gebouwen binnen het bouwvlak als zodanig gelden. Het dichtstbijzijnde bouwvlak ligt op 140 meter van de stal, waarmee aan de afstandseisen wordt voldaan. Ook de geluidbelasting en het verblijfsklimaat in de passantenhaven werden beoordeeld als aanvaardbaar.
Verder werd geoordeeld dat de raad bij de vaststelling van het plan voldoende rekening heeft gehouden met provinciaal beleid, zoals de Omgevingsvisie Drenthe. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestemmingsplan bleef ongewijzigd van kracht.
Uitkomst: Het beroep tegen het bestemmingsplan Passantenhaven Dieverbrug wordt ongegrond verklaard.