ECLI:NL:RVS:2013:134
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- H.G. Lubberdink
- S.F.M. Wortmann
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Weigering verklaring omtrent gedrag voor docent wegens eerdere zedendelicten
De staatssecretaris weigerde op 15 juli 2011 de afgifte van een verklaring omtrent het gedrag (VOG) aan een docent vanwege een eerdere veroordeling voor twee gevallen van feitelijke aanranding van de eerbaarheid. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep van de docent gegrond en bepaalde dat de VOG moest worden verleend, omdat de staatssecretaris onvoldoende gewicht had toegekend aan het belang van de docent en de omstandigheden van het geval.
De staatssecretaris ging in hoger beroep en stelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de weigering evident disproportioneel was. De Raad voor de Rechtspraak overwoog dat de staatssecretaris onvoldoende had gemotiveerd waarom de omstandigheden waaronder de delicten waren gepleegd niet tot twijfel leidden over het risico voor de samenleving.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State concludeerde dat het besluit van 11 oktober 2011 in strijd was met de zorgvuldigheids- en motiveringsvereisten van de Algemene wet bestuursrecht. Daarom droeg zij de staatssecretaris op binnen zes weken het besluit te herstellen of een nieuw besluit te nemen en de uitkomst te communiceren. De einduitspraak zal beslissen over proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het besluit tot weigering van de VOG en draagt op het besluit binnen zes weken te herstellen of te herzien met een toereikende motivering.