ECLI:NL:RVS:2013:1318
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- C.J. Borman
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende aannemelijkheid reëel risico vrouwenbesnijdenis Sierra Leone
De vreemdeling, mede namens haar minderjarige dochters, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
In hoger beroep werd onder meer betoogd dat de vreemdeling en haar dochters vanwege de hoge percentages vrouwenbesnijdenis in Sierra Leone een reëel risico lopen op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro. De Raad overwoog dat hoewel vrouwenbesnijdenis op grote schaal voorkomt in Sierra Leone, het aan de vreemdeling was om met specifieke kenmerken aannemelijk te maken dat zij en haar dochters persoonlijk een reëel risico lopen.
De Raad nam het standpunt van de staatssecretaris over dat het asielrelaas van de vreemdeling, waaronder haar herkomstgebied en etniciteit, ongeloofwaardig was en dat daardoor onvoldoende kon worden vastgesteld of zij en haar dochters een reëel risico lopen. De Raad bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank dat het risico niet aannemelijk is gemaakt.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende aannemelijkheid van een reëel risico op vrouwenbesnijdenis.