ECLI:NL:RVS:2013:1187
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- A.B.M. Hent
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling terugvordering wettelijke rente na onterechte bestuurlijke boete Wet arbeid vreemdelingen
De minister legde het appellante een bestuurlijke boete op wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen. Na een eerdere uitspraak van de rechtbank die de boete ten onrechte achtte, restitueerde de minister het boetebedrag vermeerderd met wettelijke rente. Later stelde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vast dat de boete wel terecht was opgelegd en vorderde de minister de betaalde wettelijke rente terug.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep gedeeltelijk niet-ontvankelijk en herroepen de vordering van wettelijke rente. Het appellante stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Raad van State oordeelde dat de brief van de minister waarin de rente werd teruggevorderd een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht is en dat de terugvordering publiekrechtelijke rechtsgevolgen heeft.
De Raad vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het beroep tegen het intrekkingsbesluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het besluit van 18 juli 2011 ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de terugvordering van wettelijke rente wordt ongegrond verklaard en het beroep tegen het intrekkingsbesluit niet-ontvankelijk.