ECLI:NL:RVS:2013:1022
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vermindering schadevergoeding wegens weigering medewerking aan terugkeer vreemdeling
De minister voor Immigratie en Asiel heeft op 5 maart 2011 een terugkeerbesluit opgelegd aan de vreemdeling, die Nederland onmiddellijk moest verlaten. Tijdens een daaropvolgende bewaring, die op 19 september 2011 werd opgeheven, is achteraf vastgesteld dat het terugkeerbesluit niet rechtmatig was. De vreemdeling vorderde daarom een schadevergoeding.
De rechtbank Den Haag kende een schadevergoeding toe van € 15.940,00, maar de staatssecretaris ging hiertegen in hoger beroep. De Raad van State oordeelde dat de vreemdeling zich niet actief heeft ingespannen om zijn vertrek te bewerkstelligen, onder meer door tegenstrijdige verklaringen over zijn paspoort en het niet verstrekken van volledige adresgegevens. Hierdoor volhardde hij in de weigering tot medewerking.
Op grond hiervan achtte de Raad van State een matiging van de schadevergoeding met 50 procent passend. De eerdere uitspraak van de rechtbank werd vernietigd voor zover de schadevergoeding werd toegekend en de staatssecretaris werd veroordeeld tot betaling van € 7.970,00. Een proceskostenveroordeling werd niet uitgesproken.
Uitkomst: De schadevergoeding aan de vreemdeling wordt gematigd tot € 7.970,00 wegens diens weigering mee te werken aan terugkeer.