ECLI:NL:RVS:2012:BY8267
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins de Vin
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling onrechtmatige vreemdelingenbewaring en toekenning schadevergoeding
De vreemdeling werd op 11 oktober 2012 in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze maatregel ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De staatssecretaris hief de vrijheidsontnemende maatregel op 3 december 2012 en bood een schadevergoeding aan voor de gehele periode van inbewaringstelling. De vreemdeling stelde dat de rechtbank onjuist was voorgelicht over de aanvraag van een laissez passer, wat tot een langere onrechtmatige detentie had geleid en vroeg om een hogere schadevergoeding wegens immateriële schade.
De Afdeling oordeelde dat de vrijheidsontnemende maatregel onrechtmatig was vanaf het begin en verklaarde het hoger beroep gegrond. De rechtbankuitspraak werd vernietigd en de vreemdeling kreeg een schadevergoeding toegekend van €4.185,00 voor de periode van 11 oktober tot 3 december 2012. Het verzoek om een hogere schadevergoeding wegens bijzondere omstandigheden werd afgewezen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
De uitspraak bevestigt dat onrechtmatige vrijheidsontneming leidt tot schadevergoeding volgens normbedragen, tenzij bijzondere omstandigheden worden aangetoond, wat hier niet het geval was.
Uitkomst: De vreemdeling krijgt een schadevergoeding van €4.185,00 toegekend wegens onrechtmatige vreemdelingenbewaring van 11 oktober tot 3 december 2012.