ECLI:NL:RVS:2012:BY7393
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.W.M. Bijloos
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag rechtmatig verblijf gemeenschapsonderdaan wegens ontbreken belemmering vrij verrichten diensten
De vreemdeling, een Tunesische gemeenschapsonderdaan, verzocht om een document dat rechtmatig verblijf in Nederland bevestigt. De minister voor Immigratie en Asiel wees dit verzoek af, en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen.
De Raad van State beoordeelde het hoger beroep tegen deze uitspraak. De vreemdeling stelde dat de weigering schade berokkent aan het gezinsleven van de referent, een Nederlandse onderdaan, en daarmee diens fundamentele vrijheid van het vrij verrichten van diensten belemmert, verwijzend naar het arrest Carpenter.
Het Hof van Justitie oordeelde in het arrest Carpenter dat het weigeren van verblijf aan een echtgenoot van een dienstverrichter een inmenging vormt in het gezinsleven en daarmee het recht op vrij verrichten van diensten kan belemmeren. In deze zaak bracht de vreemdeling echter geen bijzondere omstandigheden aan waaruit blijkt dat haar aanwezigheid het verrichten van diensten door de referent ondersteunt.
De Raad van State concludeerde dat de weigering geen belemmering vormt voor het vrij verrichten van diensten door de referent en dat het beroep op het arrest Carpenter faalt. Ook het arrest Dereci bevestigt dat de wenselijkheid van verblijf van familieleden binnen de Unie niet automatisch leidt tot een recht op verblijf. Het hoger beroep is derhalve ongegrond en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van het verzoek om een verblijfsdocument omdat geen belemmering voor het vrij verrichten van diensten is vastgesteld.