Uitspraak
200800531/1) dient de vraag of zich een wijziging van ondergeschikte aard voordoet, per concreet geval te worden beantwoord. Niet in geschil is dat de omvang en verschijningsvorm van het beoogde woon-zorgcomplex door de wijziging van de bouwaanvraag, niet wordt gewijzigd. [appellant] betoogt tevergeefs dat in de gewijzigde aanvraag de zorgcomponent ontbreekt. In beide aanvragen is immers vermeld dat het beoogde gebruik van het bouwplan "zorgcluster wonen" is en dat in de woningen zorg op afroep en 24-uurszorg aanwezig zal zijn. Gelet hierop heeft de wijziging met name betrekking op de wijziging in de omschrijving onder het kopje "Wonen en zorg" van zelfstandig wonen in "individueel wonen". De ruimtelijke gevolgen en de uitstraling van deze wijziging zijn beperkt en gesteld noch gebleken is dat derden door de wijziging in hun belangen zijn geschaad. De rechtbank heeft daarom terecht overwogen dat het beoogde gebruik niet zodanig wijzigt dat de wijziging niet meer van ondergeschikte aard is. Dat het van de aanvraag deeluitmakende zorgplan op een later tijdstip ook is gewijzigd, leidt niet tot een ander oordeel. Onder deze omstandigheden heeft de rechtbank terecht overwogen dat voor de wijziging van de aanvraag om bouwvergunning geen nieuwe aanvraag was vereist.
201100091/1/H1) moet bij de toetsing van een bouwplan aan een bestemmingsplan niet slechts worden bezien of het bouwwerk overeenkomstig de bestemming van het perceel kan worden gebruikt, doch mede of het bouwwerk ook met het oog op zodanig gebruik wordt opgericht. Het concrete, beoogde gebruik van het bouwwerk vormt op voorhand een reden om bouwvergunning te weigeren, indien op grond van de bouwkundige inrichting of anderszins redelijkerwijs valt aan te nemen dat dit gebruik uitsluitend of mede betrekking heeft op andere doeleinden dan die, waarin de bestemming voorziet.
200803717/1hem niet baten, reeds omdat de doeleindenomschrijving van de bestemming "Bijzondere doeleinden", zoals in die uitspraak aan de orde, verschilt van die van "Bijzondere doeleinden" als bedoeld in artikel 25, eerste lid, aanhef en onder d, gelezen in samenhang met artikel 1 van Pro de planvoorschriften. Het betoog faalt.