Uitspraak
200705391/1), dient degene die zich op de openbaarheid van de weg beroept, die openbaarheid aannemelijk te maken.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Aa en Hunze verleende een reguliere bouwvergunning voor het oprichten van een kantoor met bovengelegen appartement op een perceel te Gieten. Verzoekers, eigenaren van aangrenzende gronden, betwistten de openbaarheid van de Hanebijtershoek, een weg die toegang geeft tot achterliggende woningen. De rechtbank oordeelde dat onvoldoende duidelijkheid bestond over de openbaarheid van de weg in de periode 1900-1930 en verklaarde het beroep van het college gegrond.
De Raad van State stelde vast dat de rechtbank ten onrechte de verjaringstermijn van dertig jaar uitsluitend vóór de inwerkingtreding van de Wegenwet (1932) wilde laten liggen, terwijl deze ook geheel of gedeeltelijk daarna kan liggen. Het college had met een rapport van bureau Oranjewoud aannemelijk gemaakt dat de Hanebijtershoek vanaf 1949 minimaal dertig jaar als openbare weg is gebruikt. Dit werd ondersteund door een akte van levering uit 1949 en een raadsbesluit uit 1959 waarin de weg bij naam werd genoemd.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van het college gegrond. Tevens werd het besluit van het college van 15 juni 2012, dat het bezwaar van verzoekers ongegrond verklaarde, vernietigd omdat de grondslag daarvan was komen te vervallen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van het college wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.