Uitspraak
200800658/1), dienen juist omdat een boete als hier bedoeld een punitieve sanctie betreft, aan de bewijsvoering van de overtreding en aan de motivering van het sanctiebesluit strenge eisen te worden gesteld.
200808189/1/V6) betreft het opleggen van een bestuurlijke boete op grond van artikel 19a, eerste lid, van de Wav een discretionaire bevoegdheid, omdat van die bevoegdheid gebruik kan, doch niet onder alle omstandigheden dient te worden gemaakt. Voorts dient de minister de gestelde zelfstandigheid van de vreemdelingen steeds te beoordelen naar de situatie ten tijde van de controle waarbij zij zijn aangetroffen, hetgeen met zich brengt dat verschillende controles door de Arbeidsinspectie bij één werkgever niet noodzakelijkerwijs dezelfde uitkomst behoeven te hebben. Nu, zoals onder 3.3 is overwogen, de minister deugdelijk heeft gemotiveerd dat de vreemdelingen ten tijde van de eerste controle niet als zelfstandigen werkzaam waren, brengt dit met zich dat hij de vennootschap naar aanleiding van de eerste controle terecht heeft beboet. Dat de minister naar aanleiding van de tweede en derde controle niet tot boeteoplegging is overgegaan, doet aan de boeteoplegging naar aanleiding van de eerste controle geen afbreuk.
200908558/1/V6). Ook bij de toepassing van deze beleidsregels en de daarin vastgestelde boetebedragen dient de minister in elk voorkomend geval te beoordelen, of die toepassing strookt met de hiervoor bedoelde eisen die aan de aanwending van de bevoegdheid tot het opleggen van een boete moeten worden gesteld. Indien dat niet het geval is, dient de boete, in aanvulling op of in afwijking van het beleid, zodanig te worden vastgesteld dat het bedrag daarvan passend en geboden is.
200701639/1volgt dat, zoals de rechtbank heeft overwogen, het de verantwoordelijkheid van een werkgever is om, voordat de arbeid een aanvang neemt, na te gaan of aan de voorschriften van de Wav wordt voldaan. Gelet op deze verantwoordelijkheid had het op weg van de vennootschap gelegen om navraag te doen bij het UWV WERKbedrijf of de Arbeidsinspectie om zich ervan te vergewissen of de feitelijke situatie waaronder de vreemdelingen de arbeid zouden gaan verrichten en de omstandigheid dat zij beschikten over een VAR-verklaring en waren ingeschreven in het handelsregister hen voor de toepassing van de Wav kwalificeert als zelfstandigen. Onweersproken is dat de vennootschap dit niet heeft gedaan. De vennootschap heeft de stelling dat het zinloos is om bij het UWV WERKbedrijf te informeren, nu het UWV WERKbedrijf geen mededelingen doet over de vraag of in een concrete situatie een tewerkstellingsvergunning is vereist, niet gestaafd. Derhalve is voor matiging van de boete in dit geval geen plaats.