Uitspraak
201100478/1/T1/A4heeft de Afdeling het college opgedragen om binnen zes weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 23 november 2010 te herstellen.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Zwartewaterland verleende op 23 november 2010 een milieuvergunning aan dierenpension De Wetering. Tegen dit besluit werd beroep ingesteld door omwonenden, die stelden dat niet was aangetoond dat aan de geluidgrenswaarden voldaan kon worden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde in een tussenuitspraak dat het college onvoldoende had onderzocht of de geluidbelasting door blaffende honden binnen de gestelde normen bleef, mede omdat het deskundigenbericht onjuiste correcties bevatte en maatregelen niet waren gegarandeerd. Het college wijzigde daarop het besluit op 3 april 2012, waarbij hogere grenswaarden werden vastgesteld en aanvullende maatregelen werden voorgeschreven.
De Afdeling stelde vast dat de bezwaren tegen het akoestisch rapport van 25 maart 2012 te laat waren ingebracht en dat het college op redelijke gronden kon concluderen dat aan de geluidgrenswaarden werd voldaan. De Afdeling vernietigde het oorspronkelijke besluit van 23 november 2010, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen grotendeels in stand blijven, behalve voor de voorschriften over geluidgrenswaarden en schermen. Het beroep tegen het wijzigingsbesluit werd ongegrond verklaard.
Tot slot werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de appellanten, met uitzondering van reiskosten voor een getuige die niet vooraf was gemeld.
Uitkomst: Het besluit van 23 november 2010 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven grotendeels in stand; het beroep tegen het wijzigingsbesluit van 3 april 2012 wordt ongegrond verklaard.