Uitspraak
200806537/1-A/V6 en 200806646/1-A/V6; hierna: de uitspraak van de Afdeling van 5 oktober 2011), dat de vreemdelingen tijdelijk in Nederland verbleven om bij [appellante sub 2] scholing en praktijkervaring op te doen door middel van 'training on the job', waarbij zij in dienst bleven van [appellante sub 1]. De verplaatsing van de vreemdelingen naar Nederland was niet het doel op zich, maar ondergeschikt aan de bouw van een fabriek in Roemenië. Zij voeren daartoe voorts aan dat de rechtbank niet heeft onderkend dat, hoewel de door de vreemdelingen verrichte werkzaamheden niet behoren tot de hoofdactiviteit van [appellante sub 1], zij deze werkzaamheden na de door hen opgedane praktijkervaring in Roemenië voor [appellante sub 1] zouden gaan verrichten. Derhalve kan niet worden staande gehouden dat de dienstverrichting door [appellante sub 1] bij [appellante sub 2] louter heeft bestaan uit het ter beschikking stellen van arbeidskrachten, aldus [appellante sub 1] en [appellante sub 2].