ECLI:NL:RVS:2012:BX1097
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- M.A.A. Mondt-Schouten
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing naturalisatieverzoek wegens twijfel over geboortedatum en bewijsnood
Appellant verzocht om verlening van het Nederlanderschap, maar de minister van Justitie wees dit verzoek op 8 juli 2009 af vanwege twijfel over zijn identiteit, met name over zijn geboortedatum. Appellant stelde te zijn geboren op 15 oktober 1981, terwijl een leeftijdsonderzoek een geboortedatum van 1 januari 1980 toekende. Tevens had appellant geen gelegaliseerde geboorteakte overgelegd, noch was hij ingeschreven in de GBA op basis van een dergelijke akte.
Appellant voerde aan dat hij bewijsnood had omdat het onmogelijk zou zijn een gelegaliseerde geboorteakte te verkrijgen vanwege de gebrekkige bevolkingsadministratie in Sierra Leone. De rechtbank en de Raad van State oordeelden echter dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het verkrijgen van een geboorteakte onmogelijk was, mede op basis van een ambtsbericht van de minister van Buitenlandse Zaken dat aangaf dat een geboorteakte via familie of derden aangevraagd kon worden.
Verder stelde appellant dat de afwijzing van zijn naturalisatieverzoek een inbreuk maakte op zijn sociale identiteit en zijn privéleven zoals beschermd door artikel 8 EVRM Pro. Dit betoog werd echter niet in de eerdere procedure aangevoerd en werd daarom niet ontvankelijk geacht.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank Groningen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het naturalisatieverzoek bevestigd.