Uitspraak
200909051/1/H2heeft de Afdeling - samengevat weergegeven - overwogen dat een verzoek om nadeelcompensatie op grond van de Regeling, gelet op de aard van het wegaanpassingsbesluit en ingevolge artikel 11, achtste lid, van de Spoedwet wegverbreding, zoals dat toen gold, voor zover het wegaanpassingsbesluit en het bestemmingsplan niet met elkaar in overeenstemming zijn, onder het bereik van artikel 49 Wet Pro op de Ruimtelijke Ordening valt en kan worden getoetst aan de criteria die gelden voor de beoordeling van planschade. Dit ligt anders, aldus de Afdeling bij die uitspraak, in die gevallen waarin de gestelde schade niet of niet uitsluitend kan worden aangemerkt als een rechtstreeks gevolg van het wegaanpassingsbesluit, maar wel van daaruit voortvloeiende besluiten of uitvoeringshandelingen als bedoeld in artikel 2 van Pro de Regeling. In die gevallen dient het verzoek om schadevergoeding mede te worden aangemerkt als een verzoek om nadeelcompensatie.