ECLI:NL:RVS:2012:BW3918
Raad van State
- Hoger beroep
- T.G. Drupsteen
- A. Hammerstein
- G. Snijders
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing inschrijving Familyhouse in Landelijk Register Kinderopvang
Familyhouse B.V. heeft bij het college van burgemeester en wethouders van Kerkrade een aanvraag ingediend om te worden opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang. Dit verzoek is bij besluit van 20 april 2010 afgewezen. Familyhouse maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het college verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat het besluit was ingetrokken en er per 4 april 2010 van rechtswege een vergunning was verleend.
De rechtbank Maastricht verklaarde het beroep van Familyhouse tegen de niet-ontvankelijkverklaring ongegrond. Familyhouse stelde dat zij schade had geleden door het oorspronkelijke besluit, waaronder gederfde inkomsten en het verlies van klanten, en dat zij daarom belang had bij de behandeling van haar bezwaar. De rechtbank oordeelde echter dat Familyhouse geen belang meer had bij het bezwaar omdat het college het besluit had ingetrokken en de onrechtmatigheid had erkend.
De Raad van State bevestigt deze uitspraak en overweegt dat Familyhouse geen verzoek om schadevergoeding heeft ingediend binnen het bezwaarproces, zodat artikel 8:73, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar van Familyhouse en verklaart het hoger beroep ongegrond.