Uitspraak
200706943/1), onverlet dat het overgangsrecht geen bouwvergunning vervangende titel verschaft of anderszins de bouw legaliseert.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Westvoorne legde appellant een last onder dwangsom op om het gebruik van een voormalige paardenschuur als tweede woning/gastenverblijf te staken en de bewoningsvoorzieningen te verwijderen. Appellant voerde aan dat het gebruik onder het overgangsrecht viel en dat het bouwovergangsrecht het gebruik legaliseerde.
De rechtbank oordeelde dat het gebruik in strijd was met het bestemmingsplan "Oostvoorne dorp" en dat appellant geen geslaagd beroep deed op het overgangsrecht of het bouwovergangsrecht. De Raad van State bevestigt deze beoordeling en stelt dat het gebouw niet als bijgebouw kan worden aangemerkt en dat het gebruik voor bewoning niet reeds bestond ten tijde van het inwerkingtreden van het bestemmingsplan.
Verder oordeelt de Raad dat het college bevoegd was tot handhaving en dat geen bijzondere omstandigheden zich tegen handhaving verzetten. Het beroep op rechtszekerheid faalt omdat appellant het gebouw nadien heeft verbouwd zonder vergunning. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.