ECLI:NL:RVS:2012:BW3070
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- D. Roemers
- M.A.A. Mondt-Schouten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en herziening boetebeschikking wegens overtredingen Wet arbeid vreemdelingen
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde [wederpartij] een boete op van in totaal €120.500 wegens meerdere overtredingen van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch werd de boete verlaagd tot €56.000. De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
Het hoger beroep richtte zich op de boete wegens elf overtredingen van artikel 15, eerste lid, van de Wav. Uit het boeterapport en verklaringen van betrokken partijen bleek dat tien vreemdelingen daadwerkelijk arbeid hadden verricht bij [bedrijf B], maar dat [wederpartij] naliet om kopieën van hun identiteitsdocumenten aan [bedrijf B] te verstrekken, wat een overtreding van artikel 15 Wav Pro oplevert.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat onvoldoende was komen vast te staan dat de vreemdelingen bij [bedrijf B] hadden gewerkt. De uitspraak van de rechtbank werd daarom vernietigd voor zover deze betrekking had op de tien overtredingen van artikel 15 Wav Pro. De Raad stelde de boete vast op €71.000 en veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten van €874. De overige onderdelen van de uitspraak werden bevestigd.
Uitkomst: De boete wegens overtredingen van artikel 15 Wav wordt vastgesteld op €71.000 en de minister wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.