Uitspraak
200708414/1), is het verlenen van vrijstelling in bezwaar krachtens artikel 19, eerste lid, van de WRO, nadat dat aanvankelijk krachtens het tweede lid was gebeurd, geen feit of omstandigheid, als bedoeld in voormelde bepaling. De rechtbank heeft dan ook terecht de wijziging van de grondslag van de verleende vrijstelling bij het besluit van 2 juni 2009 niet als een feit of omstandigheid in de zin van artikel 7:9 van Pro de Awb aangemerkt.
201006116/1/H1), heeft het ontwerpbestemmingsplan "Rossum-Hurwenen" een conserverend karakter en strekt het er toe het gevoerde ruimtelijk beleid voort te zetten. In de toelichting op het ontwerpbestemmingsplan is het bouwplan als nieuwe ontwikkeling vermeld. Het college heeft voorts toegelicht dat het nog niet in het ontwerp is verwerkt, omdat de vrijstellingsprocedure nog niet was afgerond. Onder deze op zichzelf niet bestreden omstandigheden heeft het college in de ruimtelijke onderbouwing mogen volstaan met een motivering van zijn oordeel dat het bouwplan binnen het gevoerde ruimtelijk beleid past.