ECLI:NL:RVS:2012:BV3258
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek nadeelcompensatie wegens wegwerkzaamheden en parkeerplaatsen in Arnhem
Het college van burgemeester en wethouders van Arnhem wees het verzoek van appellante om nadeelcompensatie af wegens financiële schade door wegwerkzaamheden en het wegnemen van parkeerplaatsen rond haar winkel aan het Gele Rijdersplein. Appellante voerde aan dat de omzetdaling direct voortvloeide uit de verminderde bereikbaarheid en parkeerproblemen.
De Schadebeoordelingscommissie onderzocht de omzetcijfers en parkeergegevens en concludeerde dat er geen aannemelijk causaal verband bestond tussen de werkzaamheden en de omzetdaling. De commissie baseerde haar analyse op maand- en jaaromzetten, rekening houdend met de grillige aard van het bedrijf en het gefaseerd karakter van de werkzaamheden.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, hetgeen de Raad van State bevestigde. De Raad oordeelde dat het college terecht het advies van de commissie volgde en dat appellante onvoldoende concrete aanwijzingen had geleverd om het advies te betwijfelen. Ook het verzoek om nader advies werd afgewezen. De uitspraak van de rechtbank bleef daarmee in stand en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om nadeelcompensatie bevestigd.