Uitspraak
201105541/1/A2, waar [appellant], vertegenwoordigd door mr. J.T.F. van Berkel, werkzaam bij DAS Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringmaatschappij N.V., en het college, vertegenwoordigd door mr. P. Braamhaar, werkzaam bij de gemeente Hof van Twente, ter zitting zijn verschenen.
200203714/1) volgt dat de datum waarop het beweerdelijk schadeveroorzakend besluit in werking is getreden, heeft te gelden als peildatum voor het antwoord op de vraag of ten gevolge van een onherroepelijk geworden besluit als bedoeld in artikel 6.1 van de Wro, schade is geleden. Voor een besluit als bedoeld in artikel 19 van Pro de WRO (thans artikel 3.10 van de Wro) brengt dat mee dat ingevolge artikel 3:40 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb) de datum waarop het besluit is bekendgemaakt, als peildatum moet worden aangemerkt. Blijkens de op 3 november 2008 door [appellant] ingediende aanvraag heeft hij verzocht om vergoeding van schade die hij stelt te lijden als gevolg is van de bij besluit van 23 oktober 2006 verleende vrijstelling voor de bouw van 36 woningen in het projectgebied. Dat besluit is verzonden op 23 oktober 2006, zodat, naar ook de rechtbank heeft overwogen, die datum als peildatum heeft te gelden. Dat betekent dat het planologische regime dat voor die datum gold, moet worden vergeleken met het regime dat daarna gold. Het bestemmingsplan "Goor Centrum e.o." is eerst nadien van kracht geworden, zodat dit bij de planvergelijking buiten beschouwing dient te worden gelaten en derhalve bij de planvergelijking niet kan worden betrokken dat de in het projectgebied te bouwen woningen op basis van het thans geldende planologische regime niet meer grotendeels aan het zicht kunnen worden onttrokken.