ECLI:NL:RVS:2012:BV2415
Raad van State
- Hoger beroep
- D. Roemers
- C.J. Borman
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongeldigverklaring rijbewijs wegens niet tijdig volgen educatieve maatregel alcohol en verkeer
Appellant werd door het CBR verplicht om deel te nemen aan een educatieve maatregel alcohol en verkeer (EMA). Na het niet tijdig verschijnen bij de tweede cursusdag zonder geldige reden verklaarde het CBR zijn rijbewijs ongeldig en stelde dat appellant de EMA opnieuw moest volgen en de kosten moest voldoen.
Appellant maakte bezwaar tegen deze beslissing, dat door het CBR en de rechtbank werd afgewezen. In hoger beroep oordeelde de Raad van State dat de brief van het CBR van 20 juli 2010 een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht is en dat het CBR terecht heeft vastgesteld dat geen geldige reden van verhindering was gebleken.
De Raad overwoog dat appellant onvoldoende bewijs leverde van de gestelde ziekte van zijn kind en dat het CBR hem voldoende had geïnformeerd over de gevolgen van niet-tijdig verschijnen en de noodzaak van bewijs bij verhindering. Een belangenafweging door het CBR was niet vereist omdat het hier ging om een wettelijke medewerkingsverplichting.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van het CBR tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt bevestigd.