ECLI:NL:RVS:2011:BU7895
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete voor overtreding Wet arbeid vreemdelingen bij ter beschikking stellen arbeidskrachten
De minister legde op 10 mei 2007 een boete van €56.000,- op aan [appellante] wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). De rechtbank verklaarde het beroep van [appellante] ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of sprake was van zuivere grensoverschrijdende dienstverlening of van het ter beschikking stellen van arbeidskrachten, waarvoor een tewerkstellingsvergunning vereist is. Het Hof van Justitie van de Europese Unie beantwoordde prejudiciële vragen en bevestigde dat de eis van een tewerkstellingsvergunning niet in strijd is met het EU-recht voor het ter beschikking stellen van werknemers.
Uit het onderzoek bleek dat de Poolse werknemers onder leiding en toezicht van het Nederlandse bedrijf werkten en dat de verplaatsing naar Nederland het doel van de dienstverrichting was. De Raad van State oordeelde dat de minister terecht heeft vastgesteld dat sprake was van het ter beschikking stellen van arbeidskrachten en dat het onderzoek zorgvuldig was verricht. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de boete bevestigd.
Uitkomst: De boete van €56.000,- wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen wordt bevestigd.