Uitspraak
200807837/1/H1, waarin de Afdeling ervan is uitgegaan dat een brug, welk bouwwerk evenals een loskade met het vaste land is verbonden, onder de gelding van dit artikel valt, aldus de rechtbank.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Oss verleende op 15 april 2008 een vergunning voor het oprichten van een loskade aan een locatie te Oss. Na bezwaar van een belanghebbende trok het college de vergunning in, maar de rechtbank verklaarde dit besluit onrechtmatig en vernietigde het. Het college stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat de loskade onder het begrip 'voorwerp' valt zoals bedoeld in artikel 5.3.1 van de toen geldende Algemene Plaatselijke Verordening (APV) Oss, en dat het college ten onrechte had gesteld dat voor een loskade geen vergunning nodig was. De Afdeling bevestigde dat de vergunningplicht terecht was opgelegd en dat het intrekkingsbesluit van het college geen stand hield.
Echter, per 6 juli 2011 was een nieuwe APV in werking getreden waarbij artikel 5.3.1 was komen te vervallen. Hierdoor was de vergunninggrondslag voor de loskade komen te vervallen en kon het bezwaar niet meer worden behandeld. De Afdeling verklaarde het bezwaar daarom niet-ontvankelijk en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het door de rechtbank vernietigde besluit. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het besluit tot vergunningverlening voor de loskade wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege het vervallen van de wettelijke grondslag.