ECLI:NL:RVS:2011:BT2820

Raad van State

Datum uitspraak
23 september 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
201105455/2/R4
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • Th.C. van Sloten
  • T.L.J. Drouen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bestemmingsplan Tiendweg West 12 Lekkerkerk

Bij besluit van 22 maart 2011 stelde de raad van de gemeente Nederlek het bestemmingsplan 'Tiendweg West 12 Lekkerkerk (Zorginstelling Kwintes)' vast, dat voorziet in circa twintig wooneenheden met gemeenschappelijke voorzieningen voor mensen met een psychische kwetsbaarheid.

Verzoeker, wonende nabij het plangebied, stelde dat het plan onaanvaardbare bouwmogelijkheden biedt dicht bij zijn woning, wat leidt tot een onevenredige aantasting van zijn woon- en leefklimaat. De raad voerde aan dat het stedenbouwkundig ontwerp aansluit bij de bestaande bebouwing en dat de afstand tot de woning van verzoeker minimaal vier meter bedraagt, vergelijkbaar met de huidige situatie.

De voorzitter oordeelde dat het mogelijk is dat het plan gevolgen heeft voor het woon- en leefklimaat van verzoeker, maar dat de raad zich redelijkerwijs op het standpunt kon stellen dat het plan geen onevenredige aantasting veroorzaakt. Gezien de afstand en de aansluiting bij bestaande bebouwing was er geen aanleiding om de voorlopige voorziening toe te kennen.

Het verzoek om een voorlopige voorziening werd daarom afgewezen, en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan in het openbaar op 23 september 2011.

Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan werd afgewezen.

Uitspraak

201105455/2/R4.
Datum uitspraak: 23 september 2011
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoeker], wonend te Lekkerkerk, gemeente Nederlek,
verzoeker,
en
de raad van de gemeente Nederlek,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 22 maart 2011 heeft de raad het bestemmingsplan "Tiendweg West 12 Lekkerkerk (Zorginstelling Kwintes)" vastgesteld.
Tegen dit besluit heeft [verzoeker] bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 12 mei 2011, beroep ingesteld. De gronden van het beroep zijn aangevuld bij brief van 20 mei 2011.
Bij eerstgenoemde brief heeft [verzoeker] de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 25 augustus 2011, waar [verzoeker], in persoon, en de raad, vertegenwoordigd door mr. A.D. Bouwman en W. den Hartigh, beiden werkzaam voor de gemeente, zijn verschenen.
Voorts zijn ter zitting als partij gehoord de stichting Qua Wonen, vertegenwoordigd door mr. P.A. Kok, advocaat te Woerden, en [projectleider], en stichting Kwintes, vertegenwoordigd door [regio directeur].
2. Overwegingen
2.1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2.2. Het plan voorziet in een twintigtal wooneenheden met gemeenschappelijke voorzieningen voor mensen met een psychische kwetsbaarheid op het perceel Tiendweg West 12 te Lekkerkerk.
2.3. [verzoeker] betoogt dat dit plan ten onrechte bouwmogelijkheden biedt op korte afstand van zijn woning, hetgeen volgens hem ter plaatse van zijn woning leidt tot een onaanvaardbaar woon- en leefklimaat.
2.4. De raad brengt naar voren dat bij het stedenbouwkundig ontwerp is getracht waar mogelijk aansluiting te zoeken bij de bestaande constellatie van bebouwing op het voormalige agrarische erf. Hiermee blijft volgens hem de bestaande karakteristiek van de bebouwing behouden. Dit is zijns inziens van belang vanwege de ligging in de cultuurhistorisch waardevolle lintbebouwing. De raad heeft zich op het standpunt gesteld dat bij realisering van het plan het woon- en leefklimaat van [verzoeker] niet onevenredig wordt aangetast. Daartoe stelt hij dat de kortste afstand tussen het bouwvlak en de woning van [verzoeker] vier meter is. De onderlinge afstand tussen het meest oostelijke bouwvlak en de woning van [verzoeker] is daarmee vrijwel gelijk aan die in de bestaande situatie.
2.5. In de verbeelding is weergegeven dat het plangebied de bestemming "Maatschappelijk" met de functieaanduiding "specifieke vorm van maatschappelijke - bijzondere woonvorm" heeft.
2.6. Het is niet onaannemelijk dat de oprichting van de voorziene wooneenheden gevolgen met zich brengt voor het woon- en leefklimaat van [verzoeker]. De raad kan echter op grond van gewijzigde planologische inzichten en na afweging van alle betrokken belangen andere bestemmingen en voorschriften voor gronden vaststellen. Mede gelet op de afstand van het meest oostelijke bouwvlak tot aan de woning van de [verzoeker] en nu aansluiting is gezocht bij de bestaande constellatie van bebouwing, ziet de voorzitter in hetgeen [verzoeker] heeft gesteld geen aanleiding voor het oordeel dat de raad zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat het bestemmingsplan leidt tot een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat van [verzoeker].
2.7. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.
2.8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. Th.C. van Sloten, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. T.L.J. Drouen, ambtenaar van staat.
w.g. Van Sloten w.g. Drouen
voorzitter ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 23 september 2011
375.