Uitspraak
201006983/1/M2).
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Voerendaal verleende op 16 november 2010 een revisievergunning voor een varkenshouderij op een perceel te Klimmen. Deze vergunning werd ter inzage gelegd en daarop stelde appellant beroep in bij de Raad van State. Het beroep richtte zich onder meer op vermeende hinder door stofwolken veroorzaakt door vrachtverkeer en geurhinder door gierputten en het transport van gier.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat verkeershinder door vrachtwagens niet kan worden toegerekend aan de inrichting, omdat het rijgedrag van het verkeer zich niet onderscheidt van het overige verkeer. Daarnaast zijn de aan de vergunning verbonden voorschriften omtrent opslag en transport van mest en gier toereikend geacht om geurhinder te voorkomen. Nadere voorschriften waren niet nodig, mede gelet op de toelichting van de vergunninghouder.
Verzoeken om aanvullende maatregelen zoals snelheidsbeperkingen en wegverbreding vallen buiten het kader van de milieubeheervergunning en kunnen los van deze procedure worden aangevraagd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de revisievergunning voor de varkenshouderij wordt ongegrond verklaard.