ECLI:NL:RVS:2011:BR6303
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- C.J.M. Schuyt
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bouwvergunning voor woningbouw op perceel met bedrijfsbebouwing
Het college van burgemeester en wethouders van Binnenmaas weigerde op 12 februari 2009 bouwvergunningen voor twee woningen op een perceel dat bestemd is voor niet-agrarische bedrijven met de subbestemming aannemingsbedrijf. De appellant stelde dat het college onterecht was teruggekomen op een eerdere toezegging om medewerking te verlenen, omdat zij gerechtvaardigd vertrouwen had dat de bouwplannen zouden worden toegestaan.
De rechtbank oordeelde dat het college uit kon gaan van de voorwaarde dat de volledige bedrijfsbebouwing zou worden gesloopt, hetgeen niet is gebeurd. De appellant had het college onvoldoende geïnformeerd over de eigendomssituatie en het feit dat een deel van de bedrijfsbebouwing bleef staan. Hierdoor kon het college terecht terugkomen op de eerdere bereidheid tot medewerking zonder het vertrouwensbeginsel te schenden.
Daarnaast werd geoordeeld dat het college het bouwplan mocht weigeren op grond van het ruimtelijk beleid dat restrictief is ten aanzien van woningbouw in het buitengebied. De sloop van de gehele bedrijfsbebouwing was een voorwaarde voor medewerking, en het resterende deel zou leiden tot een overschrijding van de toegestane inhoudsmaat, wat ongewenste precedentwerking zou veroorzaken.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van bouwvergunningen bevestigd.