ECLI:NL:RVS:2011:BR4604
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- R.W.L. Loeb
- M.E.B. de Haseth
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bouwvergunning en vrijstelling bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht verleende op 9 september 2008 een bouwvergunning voor het veranderen van de gevel, het plaatsen van een dakkapel en het inpandig verbouwen van een woning aan de hoek van een locatie te Dordrecht. Na bezwaar van verzoeker werd dit bezwaar op 1 maart 2010 gegrond verklaard, waarna op 18 augustus 2010 een vrijstelling van het bestemmingsplan werd verleend.
Verzoeker stelde beroep in tegen deze besluiten, dat op 5 juli 2011 door de voorzieningenrechter van de rechtbank Dordrecht ongegrond werd verklaard. Hiertegen stelde verzoeker hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
Tijdens de zitting op 21 juli 2011 verklaarde de vergunninghouder dat de bouwwerkzaamheden waren gestaakt en niet zouden worden hervat voordat de vergunning onherroepelijk was. Hierdoor ontbrak het spoedeisend belang voor de voorlopige voorziening, waarop het verzoek werd afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 4 augustus 2011.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.