ECLI:NL:RVS:2011:BQ1909
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- A.J. Kuipers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit wijziging voorschriften Wet milieubeheer vanwege strijdigheid met Bssa
Bij besluit van 26 januari 2010 wijzigde het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland voorschriften verbonden aan de vergunning van DMH voor haar inrichting aan de Baanhoekweg 92 a te Dordrecht. DMH stelde beroep in tegen dit besluit, met uitzondering van enkele punten trok zij dit beroep later in.
De kern van het geschil betrof voorschrift A2, waarin werd bepaald dat DMH zich moest houden aan de meest recente acceptatie- en controleprocedure en, indien deze afweek, aan de voorschriften van het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen (Bssa). DMH betoogde dat dit leidde tot rechtsonzekerheid omdat het goedgekeurde stortreglement nog niet was aangepast aan het gewijzigde Bssa.
De Afdeling oordeelde dat het college ten onrechte voorschriften had verbonden die letterlijk of inhoudelijk overeenkomen met wettelijke bepalingen, hetgeen strijdig is met het stelsel van de Wet milieubeheer. Het beroep werd daarom gegrond verklaard en het besluit vernietigd voor zover het voorschrift A2 betrof. Tevens werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard voor zover het zich richtte tegen voorschrift A3 wegens gebrek aan procesbelang.
Tot slot werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht aan DMH.
Uitkomst: Het beroep is gegrond voor voorschrift A2 en het besluit wordt vernietigd; het beroep op voorschrift A3 is niet-ontvankelijk verklaard.