Uitspraak
200803133/1, overwogen dat bij de toetsing van een bouwplan aan een bestemmingsplan niet slechts moet worden bezien of het bouwwerk overeenkomstig de bestemming van het perceel kan worden gebruikt, doch mede of het bouwwerk ook met het oog op zodanig gebruik wordt opgericht. Het concrete, beoogde gebruik van het bouwwerk vormt op voorhand een reden om bouwvergunning te weigeren, indien op grond van de bouwkundige inrichting of anderszins redelijkerwijs valt aan te nemen dat dit gebruik uitsluitend of mede betrekking heeft op andere doeleinden dan die, waarin de bestemming voorziet.
200800710/1en van 9 september 2009 in zaak nr.
200808037/1/H1, waarnaar de rechtbank heeft verwezen, zien op andere situaties, doet er niet aan af dat uit deze uitspraken kan worden afgeleid dat bij beoordeling van een bouwaanvraag uitsluitend die bouwaanvraag en het met het betreffende bouwplan beoogde gebruik aan de orde is. In de door het college vermelde uitspraak van de Afdeling van 19 januari 2005 in zaak nr.
200400991/1heeft de Afdeling bij de uitleg van het begrip "bouwlaag" betrokken of de betreffende kapverdieping zonder ingrijpende voorzieningen voor woonfuncties geschikt kon worden gemaakt. Hieruit kan evenwel niet worden afgeleid dat, indien het bouwplan zonder ingrijpende voorzieningen voor woonfuncties geschikt kan worden gemaakt, het met het bouwplan beoogde gebruik het gebruik als woning is.