ECLI:NL:RVS:2011:BP8380
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- H. Troostwijk
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ongeloofwaardigheid asielrelaas homoseksuele vreemdeling uit Uganda
De vreemdeling uit Uganda verzocht om een verblijfsvergunning asiel, welke door de minister werd afgewezen op grond van onvoldoende aannemelijkheid van zijn asielrelaas. De voorzieningenrechter had het besluit vernietigd en het beroep gegrond verklaard, mede omdat de minister volgens hem het asielrelaas ten onrechte niet geloofwaardig achtte.
De Raad van State stelt in hoger beroep vast dat de voorzieningenrechter het standpunt van de minister onjuist heeft geïnterpreteerd. De minister volgt de vreemdeling in de aanwezigheid van een jongen bij zijn aanhouding, maar acht het asielrelaas als geheel niet geloofwaardig vanwege tegenstrijdigheden en ongerijmdheden in verklaringen over aanhouding, detentie en ontsnapping.
De Raad bevestigt dat de minister voldoende heeft gemotiveerd waarom hij het asielrelaas niet overtuigend acht, ook gelet op de situatie in Uganda en het ontbreken van concrete aanwijzingen van persoonlijke vervolging of een reëel risico op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel blijft in stand.