ECLI:NL:RVS:2011:BP7803
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- C.W. Mouton
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen brief minister inzake subsidiecommitteringen
De minister van Buitenlandse Zaken heeft bij brief van 19 oktober 2009 aan ILEIA medegedeeld dat voor committeringen na 31 december 2010 geen additionele financiële middelen beschikbaar worden gesteld binnen het Medefinancieringsstelsel (MFS) 2007-2010.
ILEIA maakte bezwaar tegen deze brief, maar dit bezwaar werd door de minister niet-ontvankelijk verklaard. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van ILEIA ongegrond en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. ILEIA stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat de brief van 19 oktober 2009 geen besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, omdat deze brief geen wijziging van het subsidiebesluit of het Financieel Reglement inhoudt, maar slechts een uitleg geeft over de toepassing van paragraaf 2.8 van het Reglement. Hierdoor is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en is het hoger beroep ongegrond.
De aangevallen uitspraak wordt bevestigd met verbetering van de gronden. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van ILEIA wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.