ECLI:NL:RVS:2011:BP7471
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- M.A.A. Mondt-Schouten
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van bescherming in eigen land en weigering verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling, slachtoffer van bedreigingen en mishandelingen in de Sandjak regio in Servië, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, welke door de staatssecretaris van Justitie werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarna hij hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak onderzocht of de vreemdeling bescherming kon krijgen in zijn land van herkomst. Uit ambtsberichten bleek dat er multi-etnische politieteams aanwezig zijn in de regio, waardoor de vreemdeling zich tot niet-Servische politieagenten kon wenden. De vreemdeling had echter niet aannemelijk gemaakt dat het vragen van bescherming aan hogere autoriteiten gevaarlijk of zinloos was.
De Raad van State oordeelde dat de vreemdeling onvoldoende inspanningen had verricht om bescherming te verkrijgen en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.