Uitspraak
201006426/1/R2heeft overwogen leidt de voorzitter tot het voorlopig oordeel dat [verzoeker] zich niet op de in geding zijnde normen kan beroepen. Voor [verzoeker] gaat het immers om het belang dat het aan het plangebied grenzende perceel met het nummer 6055 waarvan hij eigenaar is, gevrijwaard blijft van de invloed van woningbouw op de naast gelegen gronden. Wat er verder ook zij van die belangen in het licht van het vereiste van een goede ruimtelijke ordening, de in geding zijnde normen voor het voorkomen van trillinghinder en beperken van veiligheidsrisico's hebben niet de strekking die belangen te beschermen. De voorzitter verwacht daarom dat daargelaten of deze beroepsgrond in de hoofdzaak zou slagen, de Afdeling dit betoog buiten beschouwing zal laten, nu artikel 1.9 van de Chw er naar voorlopig oordeel niet toe kan leiden dat het bestreden besluit om die reden wordt vernietigd.