Uitspraak
200802108/1, te overwegen dat gerechtvaardigd vertrouwen niet kan worden afgeleid uit uitlatingen van een wethouder, nu [appellante A] wist of kon weten dat slechts het college bevoegd is om te beslissen omtrent handhavend optreden. Hetzelfde geldt ten aanzien van de door [appellante A] gestelde uitlatingen van de burgemeester. De overweging van de rechtbank in haar uitspraak van 5 november 2009 in zaak nrs. 08/2365, 08/2435 en 08/2312 op de beroepen tegen het gedoogbesluit van 23 juni 2008 betreffende de toezegging van het college heeft betrekking op de uitlatingen van de wethouder en betreft dan ook een kennelijke verschrijving.