ECLI:NL:RVS:2011:BP6322
Raad van State
- Hoger beroep
- S.F.M. Wortmann
- M.R. Poot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering huurtoeslag wegens voordeel uit sparen en beleggen van medebewoner
De Belastingdienst/Toeslagen stelde bij besluit van 16 november 2007 de tegemoetkoming huurtoeslag over 2006 voor appellant op nihil en vorderde de reeds betaalde voorschotten terug. Dit vanwege het voordeel uit sparen en beleggen van haar minderjarige zoon en meerderjarige zoon. Appellant verzocht om het vermogen van haar kinderen, verkregen uit een erfenis en waarover zij geen beschikking hebben, buiten beschouwing te laten. Dit verzoek werd deels toegewezen voor de meerderjarige zoon, maar afgewezen voor de minderjarige zoon.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat het voordeel uit sparen en beleggen van de meerderjarige zoon leidt tot het ontbreken van aanspraak op huurtoeslag. Het vermogen van de minderjarige zoon kan buiten beschouwing worden gelaten, maar dit leidt niet tot een herziene beschikking. Appellant kan niet worden ontslagen van terugbetaling, aangezien de wet geen kwijtschelding toestaat.
De Raad van State wijst erop dat appellant een betalingsregeling kan aanvragen indien zij financiële problemen ondervindt door de terugvordering. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van huurtoeslag bevestigd.